Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Uitvoering EEG-wetgeving inzake toestellen onder druk[Regeling vervallen per 08-12-2004 met terugwerkende kracht tot en met 01-07-2003.]

Geldend van 01-01-2002 t/m 30-06-2003

Uitvoering EEG-wetgeving inzake toestellen onder druk

De Minister van Sociale Zaken,

Overwegende dat ter uitvoering van de Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 27 juli 1976 over de onderlinge aanpassing van de wetgeving der Lid-Staten inzake gemeenschappelijke bepalingen betreffende toestellen onder druk en keuringsmethoden voor deze toestellen (76/767/EEG, Pb. E. G. Nr. L262/153 van 27 september 1976) een instantie moet worden aangewezen, die belast is met het beoordelen van dossiers betreffende toestellen onder druk en met het verrichten van daarmede verband houdende werkzaamheden als bedoeld in bijlage IV van de Richtlijn;

dat voorts ter uitvoering van de Richtlijn een instantie moet worden aangewezen, die belast is met het ten aanzien van toestellen onder druk, verrichten van keuringswerkzaamheden als bedoeld in artikel 22, tweede lid, en bijlage IV van de Richtlijn;

Besluit:

§ 1. Inleidende bepalingen [Vervallen per 08-12-2004]

Artikel 1 [Vervallen per 08-12-2004]

In deze beschikking wordt verstaan onder:

a. ‘Richtlijn’:

de Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 27 juli 1976 over de onderlinge aanpassing van de wetgeving der Lid-Staten inzake gemeenschappelijke bepalingen betreffende toestellen onder druk en keuringsmethoden voor deze toestellen (76/767/EEG, Pb. E.G. nr. L 262/153 van 27 september 1976);

‘toestel’:

toestel onder druk als bedoeld in artikel I, eerste lid, van de Richtlijn.

Artikel 2 [Vervallen per 08-12-2004]

Artikel 2 Deze beschikking is niet van toepassing op

  • a. toestellen als bedoeld in artikel 1, tweede lid, van de Richtlijn;

  • b. toestellen ten aanzien waarvan een bijzondere richtlijn als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Richtlijn van toepassing is.

Artikel 3 [Vervallen per 08-12-2004]

  • 1 Als administratie van bestemming als bedoeld in bijlage IV van de Richtlijn wordt aangewezen: de Dienst voor het Stoomwezen, Postbus 20803, 2500 EV 's-Gravenhage.

  • 2 Als instantie, belast met het verrichten van keuringswerkzaamheden als bedoeld in artikel 22, tweede lid, van de Richtlijn, alsmede als administratie van oorsprong als bedoeld in bijlage IV van de Richtlijn wordt aangewezen de dienst, genoemd in het eerste lid van dit artikel.

§ 2. Administratieve procedure inzake de beoordeling van dossiers betreffende toestellen die bestemd zijn om in Nederland te worden ingevoerd uit een andere Lid-Staat van de Europese Economische Gemeenschap [Vervallen per 08-12-2004]

Artikel 4 [Vervallen per 08-12-2004]

  • 1 Ten aanzien van een toestel of van meerdere toestellen van eenzelfde model, bestemd om in Nederland te worden ingevoerd uit een andere Lid-Staat van de Europese Economische Gemeenschap gaat de Dienst eerst over tot een beoordeling van het dossier betreffende het toestel of de toestellen en tot het verrichten van de daarmede verband houdende werkzaamheden, nadat een aanvraag daartoe bij de Dienst is ingediend door een in die andere Lid-Staat gevestigde fabrikant of dient binnen de Gemeenschap gevestigde gevolmachtigde rechtstreeks dan wel door tussenkomst van de in Nederland gevestigde importeur van het toestel of de toestellen.

  • 2 De aanvraag moet

    • a. bevatten

      • 1º . de naam en het adres van de importeur of de afnemer, voor zover zij bekend zijn;

      • 2º . de naam en het adres van de keuringsinstantie die de fabrikant of diens gevolmachtigde heeft gekozen uit de lijst van keuringsinstanties welke overeenkomstig artikel 13 van de Richtlijn aangewezen zijn door de Lid-Staat waarin die fabrikant gevestigd is, alsmede

    • b. vergezeld gaan van een dossier in viervoud, dat in elk geval moet bevatten:

      • 1º . tekeningen en berekeningen betreffende het toestel of het model;

      • 2º . specificaties van de gebruikte of te gebruiken materialen.

      • 3º . gegevens betreffende de toegepaste of toe te passen fabricageprocédé's;

      • 4º . bijzonderheden betreffende de tijdens de fabricage toegepaste of toe te passen keuringsmethoden;

      • 5º . informatie die de fabrikant of diens gevolmachtigde nuttig acht om de Dienst in staat te stellen na te gaan of het toestel of de toestellen overeenstemt onderscheidenlijk overeenstemmen met de daarop van toepassing zijnde Nederlandse voorschriften.

  • 3 Indien de aanvraag betrekking heeft op

    • a. een toestel waarvoor slechts één enkele order is geplaatst en dat speciaal in een gering aantal exemplaren wordt gebouwd, of

    • b. toestellen die bestemd zijn voor een ingewikkelde installatie en worden uitgevoerd in overeenstemming met de gegevens en specificaties, verstrekt door de afnemer of een door hem aangewezen ontwerpbureau, kan, in afwijking van het tweede lid, onder a, 2°, de keuringsinstantie, al dan niet uit de in dat onderdeel bedoelde lijst, door de afnemer worden gekozen uit keuringsinstanties in de staat waar de fabrikant gevestigd is. De Dienst moet met die keuze kunnen instemmen en geeft van zijn besluiten ter zake kennis aan de bevoegde overheidsinstantie of -instanties in de staat waar de fabrikant gevestigd is.

  • 4 De in het tweede lid bedoelde documenten moeten zijn gesteld in de Nederlandse of in een door de Dienst aanvaarde andere taal.

  • 5 De Dienst waarborgt het vertrouwelijke karakter van alle bij hem ingediende tekeningen en documenten.

  • 6 Voor zover de in het eerste lid bedoelde beoordeling van het dossier en de daarmede verband houdende werkzaamheden deel uitmaken van de keuring van een stoom- of damp-toestel, is voor die beoordeling en voor het verrichten van die werkzaamheden alsmede voor nader onderzoek op de plaats van opstelling, een vergoeding verschuldigd ingevolge Regeling vergoedingen voor keuring van stoom- of damptoestellen.

    Wanneer de dossierbeoordeling en de daarmede verband houdende werkzaamheden alsmede het nader onderzoek op de plaats van opstelling betrekking hebben op andere toestellen dan stoom- of damptoestellen, is daarvoor een vergoeding verschuldigd van:

    • -

      € 82 per werkuur of gedeelte daarvan, t.a.v. werkzaamheden welke door de ambtenaar op kantoor worden verricht;

    • -

      € 104 per werkuur of gedeelte daarvan, t.a.v. werkzaamheden welke door de ambtenaar buiten kantoor worden verricht.

    De vergoeding is verschuldigd door degene die het toestel gebruikt of wil gaan gebruiken, dan wel, zolang deze gebruiker nog niet bekend is, door degene die de keuring heeft aangevraagd.

    De vergoeding kan worden ingevorderd bij hem die de vergunning of de keuring heeft aangevraagd.

Artikel 5 [Vervallen per 08-12-2004]

  • 1 De Dienst zendt aanstonds na ontvangst van de aanvraag een bevestiging van die ontvangst aan de aanvrager.

  • 2 Indien de Dienst van oordeel is dat het door hem ontvangen dossier niet alle voor een juiste beoordeling noodzakelijke gegevens bevat, verzoekt hij binnen een maand na de ontvangst de aanvrager om de vereiste aanvullende gegevens.

Artikel 6 [Vervallen per 08-12-2004]

  • 1 Indien de Dienst op grond van het dossier van oordeel is dat het toestel of de toestellen overeenstemt onderscheidenlijk overeenstemmen met de daarop van toepassing zijnde Nederlandse voorschriften dan wel dat de afwijking van het toestel of de toestellen van die voorschriften aanvaardbaar is, stelt hij daarvan de aanvrager in kennis binnen drie maanden na ontvangst van het dossier.

  • 2 Indien de Dienst op grond van het dossier van oordeel is dat het toestel of de toestellen niet overeenstemt onderscheidenlijk overeenstemmen met de daarop van toepassing zijnde Nederlandse voorschriften en het toestel of de toestellen niet in aanmerking komt onderscheidenlijk komen voor afwijking van die voorschriften, stelt bij daarvan de aanvrager binnen de in het eerste lid genoemde termijn in kennis, onder vermelding van de voorschriften waaraan niet is voldaan.

  • 3 Indien de aanvrager na ontvangst van de in het tweede lid bedoelde kennisgeving bereid is om in het ontwerp of de fabricage van het toestel of de toestellen dan wel in de gevolgde keuringsmethoden de wijzigingen aan te brengen waardoor aan de van toepassing zijnde Nederlandse voorschriften zal worden voldaan, zendt hij de Dienst een dienovereenkomstig gewijzigd dossier De Dienst deelt de aanvrager binnen twee maanden na ontvangst van het gewijzigde dossier mede of het toestel of de toestellen overeenstemt onderscheidenlijk overeenstemmen met de daarop van toepassing zijnde Nederlandse voorschriften dan wel of de afwijking van het toestel of de toestellen van die voorschriften aanvaardbaar is.

Artikel 7 [Vervallen per 08-12-2004]

De Dienst deelt de aanvrager mede welke keuringswerkzaamheden de keuringsinstantie, gekozen overeenkomstig artikel 4, tweede lid, onder a. 2°, of overeenkomstig het derde lid van dat artikel, moet verrichten. De Dienst vermeldt daarbij aan welke Nederlandse voorschriften moet worden voldaan en welke onderzoeken, beproevingen of keuringen moeten worden verricht, alvorens het toestel of de toestellen in Nederland kan onderscheidenlijk kunnen worden aanvaard.

§ 3. Keuring van toestellen, bestemd om uit Nederland te worden uitgevoerd naar een andere Lid-Staat van de Europese Economische Gemeenschap [Vervallen per 08-12-2004]

Artikel 8 [Vervallen per 08-12-2004]

  • 1 Ten aanzien van een toestel of toestellen, bestemd om uit Nederland te worden uitgevoerd naar een andere Lid-Staat van de Europese Economische Gemeenschap, verricht de Dienst op verzoek van de fabrikant van het toestel of de toestellen dan wel diens gevolmachtigde de keuringswerkzaamheden die door de bevoegde overheidsinstantie of -instanties van de staat van bestemming worden verlangd.

  • 2 De Dienst verstrekt de fabrikant van het toestel of de toestellen dan wel diens gevolmachtigde en de in het eerste lid bedoelde overheidsinstantie of -instanties de rapporten betreffende de gevraagde keuringswerkzaamheden en de documenten waaruit blijkt dat de verrichte keuringswerkzaamheden en de daarbij verkregen resultaten beantwoorden aan de door die instantie of instanties gestelde eisen.

  • 3 Indien de Dienst de resultaten van de keuringswerkzaamheden niet bevredigen acht, stelt bij daarvan de aanklager en de in het eerste lid bedoelde overheidsinstantie of -instanties in kennis.

  • 4 De in het tweede lid bedoelde rapporten en documenten, alsmede de in het derde lid bedoelde kennisgeving moeten gesteld zijn in de taal van de staat van bestemming of in een door de bevoegde overheidsinstantie of -instanties van de staat van bestemming aanvaarde andere taal.

  • 5 Voor de in het eerste lid bedoelde keuringswerkzaamheden is een vergoeding verschuldigd van:

    • -

      € 82 per werkuur of gedeelte daarvan t.a.v. werkzaamheden welke door de ambtenaar of kantoor worden verricht;

    • -

      € 104 per werkuur of gedeelte daarvan t.a.v. werkzaamheden welke door de ambtenaar buiten kantoor worden verricht.

    De vergoeding is verschuldigd door en zal worden ingevorderd bij degene die de keuring heeft aangevraagd.

§ 4. Slotbepaling [Vervallen per 08-12-2004]

Artikel 9 [Vervallen per 08-12-2004]

Deze beschikking wordt geplaatst in de Nederlandse Staatscourant.

's-Gravenhage, 22 januari 1980

De

Minister

voornoemd,

W. Albeda