KruimelpadGeldend op 10-02-2012
De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling.
Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van
in de balk hierboven.
1. Voor tijd vóór 1 januari 1986 is de pensioengrondslag de wedde.
2. De wedde wordt voor de toepassing van het eerste lid vermenigvuldigd met 100/110 indien deze laatstelijk is genoten tussen 31 december 1985 en 1 januari 1995. De aldus vastgestelde pensioengrondslag is echter niet lager dan de wedde verminderd met € 2 867,89 [Red: per 1 januari 2008 € 4.434,37] . Het bedrag van € 2 867,89 [Red: per 1 januari 2008 € 4.434,37] wordt telkens gewijzigd bij de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 157, derde lid, overeenkomstig de aanpassing van een bedrag dat, omgerekend naar euro’s, op 1 januari 1985 € 28 678,91 bedroeg.
3. De wedde wordt voor de toepassing van het eerste lid vermenigvuldigd met een debruteringsfactor overeenkomstig artikel 139a, tweede lid, indien deze laatstelijk is genoten na 31 december 1994. Op het aldus gevonden bedrag is het tweede lid van dit artikel van toepassing.
4. Bij de berekening van een pensioen van een gewezen wethouder die voor 1 januari 1986 voor zijn bezoldiging geacht werd niet de volledige werkweek aan het wethouderschap te besteden, wordt de wedde, vastgesteld volgens het tweede of het derde lid, vermenigvuldigd met de deeltijdfactor.
5. Hoofdstuk 17 is van toepassing op het pensioen, voor zover berekend over de in het eerste lid bedoelde tijd.