Start van deze paginaSkip navigatie, ga direct naar de Inhoud
Kruimelpad
  • Home
  • Overheidsinformatie
  • Zoeken
  • Verwijzing

Wet- en regelgeving

Instellingen (nu: volledige regeling), opent een nieuw venster
  • Vorige

  • Volgende

Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers

Geldend op 10-02-2012


De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling. Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van |< < > >| in de balk hierboven.

  • Artikel 58. Het recht op eigen pensioen

    • 1.Een kamerlid heeft na zijn aftreden recht op pensioen, indien hij op de dag van ingang van zijn aftreden de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt, tenzij hij op dat tijdstip wederom als kamerlid optreedt.

    • 2.Een kamerlid dat is afgetreden voor het bereiken van de leeftijd van 65 jaar, verkrijgt recht op pensioen bij het bereiken van die leeftijd, tenzij hij op dat tijdstip wederom als kamerlid optreedt.