Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit houdende vaststelling van een regeling tot toekenning van een uitkering wegens [...] 99a van het Reglement van de Buitenlandse Dienst 1951

Geldend van 17-07-1969 t/m heden

Besluit van 4 juli 1969, houdende vaststelling van een regeling tot toekenning van een uitkering wegens ontslag op grond van artikel 99a van het Reglement van de Buitenlandse Dienst 1951 (Stb. 449)

Wij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

On de voordracht van Onze Minister van Buitenlandse Zaken van 23 mei 1969, DBD-88804;

Gelet op de artikelen 58 en 72 der Grondwet;

De Raad van State gehoord (advies van 18 juni 1969, nr. 30);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Buitenlandse Zaken van 26 juni 1969, Directie Buitenlandse Dienst, DBD-114328;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1

De Regeling uitkering wegens functioneel leeftijdsontslag (Stb. 1966, 286) is van overeenkomstige toepassing op de ambtenaar van de buitenlandse dienst en de administratieve ambtenaar, aan wie op grond van het bepaalde in artikel 99a van het Reglement van de Buitenlandse Dienst 1951 (Stb. 449) ontslag is verleend met dien verstande, dat overal waar in die regeling wordt gesproken van "Onze Minister" of "Onze Minister van Binnenlandse Zaken" daarvoor wordt gelezen "Onze Minister van Buitenlandse Zaken".

Artikel 2

Ingeval een ambtenaar van de buitenlandse dienst uit hoofde van het hem verleende ontslag tevens op grond van artikel U 16 van de Algemene burgerlijke pensioenwet recht heeft op pensioen, wordt dit pensioen in mindering gebracht op de uitkering, welke hij ingevolge de in artikel 1 bedoelde regeling geniet.

Artikel 3

Dit Besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad, waarin het wordt geplaatst.

Onze Minister van Buitenlandse Zaken is belast met de uitvoering van dit Besluit, hetwelk in het Staatsblad zal worden geplaatst en waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.

Soestdijk, 4 juli 1969

JULIANA.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

J. LUNS.

Uitgegeven de vijftiende juli 1969.

De Minister van Justitie,

C. H. F. POLAK.