Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Bestrijdingsmiddelenregeling[Regeling vervallen per 17-10-2007.]

Geldend van 01-01-1998 t/m 16-10-2007

Bestrijdingsmiddelenregeling

De Ministers van Landbouw en Visserij en van Sociale Zaken en Volksgezondheid;

Gelet op de artikelen 3, eerste lid, 4, tweede en derde lid, 6, derde lid, 9, 12, tweede lid, en 19 van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 (Stb. 288), alsmede op artikel 2, tweede lid, van het Bestrijdingsmiddelenbesluit (Stb. 1964, 328);

De Bestrijdingsmiddelencommissie gehoord;

Besluiten:

Algemene voorschriften, waaraan bestrijdingsmiddelen en de verpakking moeten voldoen [Vervallen per 17-10-2007]

Artikel 1 [Vervallen per 01-03-1980]

Artikel 2 [Vervallen per 01-03-1980]

Artikel 3 [Vervallen per 01-03-1980]

Artikel 4 [Vervallen per 17-10-2007]

[Red: Vervallen.]

Artikel 5 [Vervallen per 01-03-1980]

Artikel 6 [Vervallen per 01-03-1980]

Artikel 7 [Vervallen per 30-04-1981]

Artikel 8 [Vervallen per 01-03-1980]

Artikel 9 [Vervallen per 01-03-1980]

Artikel 10 [Vervallen per 01-03-1980]

Artikel 11 [Vervallen per 01-03-1980]

Artikel 12 [Vervallen per 01-03-1980]

Artikel 13 [Vervallen per 17-10-2007]

Indiening en behandeling van aanvragen [Vervallen per 17-10-2007]

Kosten

Artikel 14 [Vervallen per 01-01-1981]

Artikel 15 [Vervallen per 01-01-1981]

Artikel 16 [Vervallen per 01-01-1981]

Artikel 17 [Vervallen per 01-01-1981]

Artikel 18 [Vervallen per 01-01-1981]

Artikel 19 [Vervallen per 01-01-1981]

Artikel 20 [Vervallen per 01-01-1981]

Artikel 21 [Vervallen per 01-01-1981]

Legitimatiebewijzen [Vervallen per 17-10-2007]

Artikel 22 [Vervallen per 17-10-2007]

  • 1 Als legitimatiebewijzen in de zin van artikel 12, tweede lid, van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 worden aangewezen:

    • a. een bewijsstuk, waaruit kan blijken dat de houder over het lopende jaar of het daaraan voorafgegane jaar onderworpen is aan een heffing van het Landbouwschap of het Bosschap;

    • b. een bewijs van lidmaatschap over het lopende jaar van:

      • 1e. het Koninklijk Nederlands Landbouwcomité;

      • 2e. de Christelijke Boeren- en Tuindersbond;

      • 3e. de Katholieke Nederlandse Boeren- en Tuindersbond, of van een bij een van deze organisaties aangesloten regionale of plaatselijke organisatie;

      • 4e. de Nederlandse Vereniging van Boseigenaren;

      • 5e. de Bond van agrarische loonbedrijven in Nederland;

      • 6e. de Federatie van land- en tuinbouwwerktuigen exploiterende coöperaties;

    • c. een uittreksel uit het handelsregister waaruit blijkt, dat de betrokkene het beroep uitoefent van:

      • 1e. bloemist of hovenier;

      • 2e. zuiveraar;

      • 3e. aannemer van bouwwerken;

  • 2 De in het eerste lid, onder c, aanhef en 3e genoemde legitimatiebewijzen strekken slechts als bewijs, dat de houder een beroep uitoefent, dat het gebruik van houtconserveringsmiddelen medebrengt.

  • 3 De in het eerste lid genoemde legitimatiebewijzen strekken niet als bewijs, dat de houder een beroep uitoefent, dat het gebruik meebrengt van cyaanwaterstof, giftige cyaanverbindingen of stoffen, die giftige cyaanverbindingen kunnen opleveren, ethyleenoxide en gasmengsels, waarin ethyleenoxide aanwezig is, methylbromide, methallylchloride en chloorpikrine, fosforwaterstof en stoffen, welke fosforwaterstof kunnen opleveren.

  • 4 Als legitimatiebewijs, waaruit blijkt, dat de houder een beroep uitoefent, hetwelk het gebruik van een of meer in het derde lid genoemde bestrijdingsmiddelen meebrengt, gelden uitsluitend daartoe strekkende bewijzen, afgegeven door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Monsterneming [Vervallen per 17-10-2007]

Artikel 23 [Vervallen per 17-12-1986]

Artikel 24 [Vervallen per 17-12-1986]

Artikel 25 [Vervallen per 17-12-1986]

Artikel 26 [Vervallen per 17-12-1986]

Overgangs- en slotbepalingen [Vervallen per 17-10-2007]

Artikel 27 [Vervallen per 17-10-2007]

Verzoeken om ontheffing, als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van het Bestrijdingsmiddelenbesluit 1948 (Stb. I 368), waarop ten tijde van het inwerkingtreden van deze beschikking nog niet is beslist, gelden als aanvragen tot toelating in de zin van deze beschikking.

Artikel 28 [Vervallen per 17-10-2007]

Deze regeling wordt aangehaald als:

Bestrijdingsmiddelenregeling.

's-Gravenhage, 4 augustus 1964

De

Minister

van Landbouw en Visserij,

B. W. Biesheuvel

De

Minister

van Sociale Zaken en Volksgezondheid,

G. J. M. Veldkamp

Bijlage I. behorende bij de Bestrijdingsmiddelenbeschikking, artikel 1 [Vervallen per 17-10-2007]

Hoofdstuk I [Vervallen per 17-10-2007]

[Red: Vervallen.]

Hoofdstuk II [Vervallen per 17-10-2007]

[Red: Vervallen.]

Hoofdstuk III [Vervallen per 17-10-2007]

Ambtshalve toegelaten middelen

1 [Vervallen per 17-10-2007]

In de hierna vermelde toelatingen zijn onder 1 de vereisten vermeld waaraan de middelen moeten voldoen. In voorkomende gevallen is hierbij tevens door middel van de woorden "Vrijstelling verbod van overpakking" aangegeven, dat de in artikel 3, vierde lid, van de Bestrijdingsmiddelenbeschikking bedoelde vrijstelling voor het desbetreffende middel geldt.

2 [Vervallen per 17-10-2007]

Onder 2 is aangegeven of het middel al dan niet moet zijn gekleurd.

3 [Vervallen per 17-10-2007]

Onder 3 is aangegeven welke van de figuren, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Bestrijdingsmiddelenbeschikking, op de verpakking moet voorkomen; indien geen dezer figuren daarop behoeft voor te komen is hier vermeld: 'Doodshoofd of Andreaskruis niet voorgeschreven'.

4 [Vervallen per 17-10-2007]

Onder 4 zijn aangegeven de vastgestelde naam en andere aanduidingen, welke daarenboven op de verpakkingen moeten voorkomen.

Deze aanduidingen moeten letterlijk worden vermeld, met dien verstande dat, wat betreft de vermelde gebruiksaanwijzingen, niet alle aangegeven toepassingen behoeven te worden vermeld.

Het is toegestaan aan de vermelde tekst van de gebruiksaanwijzingen bepaalde technische aanwijzingen voor een goede bestrijding toe te voegen. Deze aanwijzingen mogen niet in strijd zijn met de voornoemde tekst.

Aan de aanduiding met betrekking tot de naam van het middel mag slechts worden toegevoegd een aanduiding ter onderscheiding van iemands fabrieks- of handelswaren van die van anderen, mits daardoor geen onjuiste of misleidende indruk omtrent aard of samenstelling van het middel wordt gewekt en deze aanduiding niet opvallender of duidelijker leesbaar is dan de vastgestelde naam.

1 [Vervallen per 17-10-2007]

Formaline bestaat in hoofdzaak uit een oplossing van formaldehyde in water. Gehalte aan formaldehyde 365-400 g per l.

Vrijstelling verbod van overpakking.

2 [Vervallen per 17-10-2007]

Kleuring niet voorgeschreven.

3 [Vervallen per 17-10-2007]

B.

4 [Vervallen per 17-10-2007]

Overige verplichte aanduidingen op de verpakking: Formaline

Toelatingsnummer: 10 N

Werkzame stof: formaldehyde; gehalte 365-400 g per l.

Waarschuwing:

Gevaarlijk bij inwendig gebruik.

Niet in aanraking brengen met levensmiddelen.

Sterk irriterend voor huid en slijmvliezen.

Voorzorgsmaatregelen:

Draag een spuitmasker, beschuttende bril en ondoordringbare handschoenen.

Werk zo mogelijk in de open lucht en niet te lang achtereen.

Gebruiksaanwijzing

Schimmel-, bacterie- en aaltjesdodend middel.

Hyacinth, tegen vethuidigheid. De in volkomen rust verkerende bollen voor het planten 15-20 minuten dompelen in een mengsel van 1 l formaline op 9 l water.

Hyacinth, tegen wortelrot.

Als middel voor de nabehandeling na voorafgaande toepassing van voor wortelrot-bestrijding aanbevolen andere middelen.

Per bed (14 m²) 2 l formaline op 20 l water in het open bed gieten en goed doorwerken. Bij droge grond nagieten met ca. 20 l water per bed.

Hyacinth, bij een aantasting door de geelziekbacterie worden de aangetaste en naburige planten doodgespoten met 1 l formaline op 9 l water, teneinde verspreiding van deze aantasting tegen te gaan.

Dahlia, tegen bodemschimmels. Knollen een uur dompelen in een mengsel van 1 l formaline met 40 l water of 15 minuten in een mengsel van 1 l formaline met 20 l water.

Voor grondontsmetting in andere gevallen 20-60 l per are, vermengd met een passende hoeveelheid water uitgieten en inwerken. In kassen na een week de grond herhaaldelijk losvorken en luchten; niet zaaien of planten voordat het middel uit de grond verdwenen is. De wachttijd hangt van de omstandigheden af en bedraagt 4-6 weken.

Kweekgrondontsmetting kan op overeenkomstige wijze uitgevoerd worden.

Voor het ontsmetten van kweekbakjes, andere benodigdheden, opstanden e.d. een mengsel van 1 l op 9 l water gebruiken.

1 [Vervallen per 17-10-2007]

Stuifzwavel bestaat in hoofdzaak uit fijn verdeelde zwavel.

Gehalte aan zwavel: tenminste 95%.

Fijnheid: tenminste 97% moet een zeef met mazen van 0,105 mm kunnen passeren.

Vrijstelling verbod van overpakking.

2 [Vervallen per 17-10-2007]

Kleuring niet voorgeschreven.

3 [Vervallen per 17-10-2007]

Doodshoofd of Andreas-kruis niet voorgeschreven.

4 [Vervallen per 17-10-2007]

Verplichte aanduidingen op de verpakking: Stuifzwavel

Toelatingsnummer: 27 N

Werkzame stof: zwavel; gehalte 95%.

Waarschuwing:

Brandgevaarlijk.

Gebruiksaanwijzing:

Schimmel- en mijtenbestrijdingsmiddel.

Druif en perzik onder glas (100 g per 100 m3 kasruimte);

Begonia, Kalanchoë, Lathyrus, roos tegen echte meeldauw (200-250 g per are).

Licht en regelmatig stuiven, om de 7-10 dagen herhalen, bij betrekkelijk hoge temperatuur. Begonia en Lathyrus niet tijdens de bloei behandelen.

Pruim onder glas, tegen pruimegalmijt (100 g per 100 m3 kasruimte), zodra eerste symptomen zichtbaar worden;

Begonia, Bouvardia, Cissus, Codiaeum, Hedera tegen begoniamijt licht stuiven (200 g per are); Begonia niet tijdens de bloei behandelen.

Mij bekend:

De

Minister

van Landbouw en Visserij,

B. W. Biesheuvel

De

Minister

van Sociale Zaken en Volksgezondheid,

G. M. J. Veldkamp

Bijlage III [Vervallen per 01-01-1981]

Bijlage IV [Vervallen per 01-01-1981]