KruimelpadVorige
Volgende
Geldend op 09-02-2012
De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling.
Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van
in de balk hierboven.
1. Indien sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 23a1, eerste lid, kan Onze Minister besluiten dat met ingang van een in dat besluit bepaalde datum een in artikel 23a1, eerste lid, bedoelde schoolsoort of leerweg van een openbare school wordt opgeheven en de bekostiging van een in artikel 23a1, eerste lid, bedoelde schoolsoort of leerweg van een bijzondere school wordt beëindigd.
2. Indien de toepassing van het eerste lid er toe zou leiden dat een school nog slechts onderwijs zou verzorgen in de eerste twee leerjaren dan is het eerste lid van toepassing op de gehele school.
3. Alvorens Onze Minister toepassing geeft aan het eerste en tweede lid:
a. heeft de inspectie een onderzoek als bedoeld in artikel 11 of artikel 15 van de Wet op het onderwijstoezicht verricht;
b. heeft de inspectie daarover een inspectierapport als bedoeld in artikel 20, eerste lid, van de Wet op het onderwijstoezicht uitgebracht; en
c. stelt Onze Minister het bevoegd gezag vervolgens vier weken in de gelegenheid zijn zienswijze met betrekking tot de voorgenomen opheffing of de voorgenomen beëindiging van de bekostiging naar voren te brengen.