Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Wet instelling schuldregisters voor geldleningen ten laste van het Rijk

Geldend van 26-01-1949 t/m heden

Wet van 13 januari 1949, houdende instelling van schuldregisters voor geldleningen ten laste van het Rijk

Wij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is ten aanzien van de ten laste van het Rijk aangegane geldleningen, waarbij zulks niet reeds in de voorwaarden van uitgifte is geschied, de mogelijkheid te openen, tot het instellen van schuldregisters, waarin de schuld ten name van de eigenaar wordt ingeschreven;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1

Onze Minister van Financiën wordt gemachtigd voor de houders van schuldbewijzen van vóór de inwerkingtreding dezer wet ten laste van het Rijk aangegane geldleningen, overeenkomstig door hem te stellen regelen, de gelegenheid te openen hun schuldbewijzen te verwisselen in een inschrijving op naam in een voor elke lening afzonderlijk gehouden schuldregister.

Artikel 2

De voorwaarden, waaronder de schuldbewijzen der in artikel 1 bedoelde geldleningen zijn uitgegeven, worden in de door Onze Minister te stellen regelen, bedoeld in artikel 1, eveneens, voor zover toepasselijk, verbonden aan de door verwisseling van deze schuldbewijzen verkregen inschrijvingen in een schuldregister. In afwijking van deze voorwaarden kan ten aanzien van de aflossing worden bepaald, dat deze niet door loting, maar in evenredigheid met de aflossingen door uitloting op de in artikel 1 bedoelde geldleningen zal geschieden.

Artikel 3

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag volgende op die harer afkondiging.

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministeriële departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven ten Paleize Soestdijk, 13 Januari 1949

JULIANA.

De Minister van Financiën,

P. LIEFTINCK.

Uitgegeven de vijf en twintigste Januari 1949.

De Minister van Justitie,

WIJERS.