Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Meststoffenwet 1947[Regeling vervallen per 01-01-2008.]

Geldend van 09-08-1967 t/m 31-12-2007

Wet van 19 april 1947, betreffende het nemen van maatregelen tot het tegengaan van bedrog in den handel in middelen ter bestrijding van verwekkers van plantenziekten

Wij WILHELMINA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Allen, die deze zullen zien of hooren lezen, saluut! doen te weten:

Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenschelijk is, maatregelen te nemen tot het tegengaan van bedrog in den handel in middelen ter bestrijding van verwekkers van plantenziekten, van uit landbouwoogpunt schadelijke dieren en van onkruiden en daarbij tevens nieuwe, gelijksoortige regelen te stellen ter bestrijding van bedrog in den handel in meststoffen;

Zoo is het, dat Wij, den Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1 [Vervallen per 01-01-2008]

Deze Wet verstaat onder:

"Onzen Minister": Onzen Minister, belast met de zaken van den landbouw.

"Meststof": een stof, bestemd om aan den bodem of aan den grond te worden toegevoegd ter instandhouding of vermeerdering van hun productievermogen.

"Verkoopen": ten verkoop in voorraad hebben, te koop aanbieden, te koop doen aanbieden, verkopen, doen verkopen, afleveren en doen afleveren, alsmede leveren als onderdeel van een dienstverrichting.

"Vervoeren": vervoeren en doen vervoeren.

Artikel 2 [Vervallen per 01-01-2008]

Bij Algemeenen Maatregel van Bestuur kan het vervoeren en verkoopen van meststoffen worden verboden.

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 Bij Algemeenen Maatregel van Bestuur kan worden bepaald, dat van een krachtens artikel 2 uitgevaardigd verbod ontheffing kan worden verleend en door wien de ontheffing wordt verleend.

  • 2 Een zoodanige ontheffing wordt als regel eerst verleend, nadat een onderzoek heeft plaats gehad naar de kwaliteit en de werking van het product. De kosten van het onderzoek komen ten laste van dengene, die de ontheffing heeft aangevraagd.

  • 3 Bij of krachtens Algemeenen Maatregel van Bestuur kunnen regelen worden gesteld betreffende de wijze, waarop ontheffing moet worden aangevraagd, de behandeling der aanvrage, de voldoening van de kosten van het onderzoek en de wijze, waarop ontheffing wordt verleend.

Artikel 4 [Vervallen per 01-01-2008]

Bij of krachtens Algemeenen Maatregel van Bestuur kunnen voorschriften worden gegeven, betreffende de aanduiding van de stoffen en mengsels van stoffen, die overeenkomstig de bepalingen krachtens deze wet worden vervoerd of verkocht, alsmede betreffende garantievermelding, toegestane speling en vergoedingsberekening.

Artikel 5 [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 Een ieder is verplicht tot geheimhouding van hetgeen hem bij het verrichten van zijn taak ingevolge deze wet bekend is geworden omtrent de bereidingswijze of de samenstelling van eenige meststof, voorzoover die geheimhouding niet in strijd is met de bepalingen, bij of krachtens deze wet of een andere wet of besluit, gesteld.

  • 2 Deze verplichting tot geheimhouding geldt niet ten aanzien van die bestanddeelen van het product, welke giftig zijn voor menschen of warmbloedige dieren. De opsporingsambtenaren zijn voorts verplicht tot geheimhouding van de namen der personen, door wie aangifte is gedaan van een overtreding van het bepaalde krachtens deze wet, behoudens tegenover hen, aan wier bevelen zij uit kracht van hun ambt zijn onderworpen, alsmede wanneer de personen, die aangifte hebben gedaan, hun uitdrukkelijk verklaard hebben, tegen de mededeeling van hun namen geen bezwaar te hebben.

Artikel 6 [Vervallen per 01-02-1959]

Artikel 7 [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 De opsporingsambtenaar die een monster heeft genomen, verpakt en verzegelt dit.

  • 2 Op verlangen van hem, in wiens bezit de waar zich tijdens de monsterneming bevindt, neemt de opsporingsambtenaar een tweede monster, hetwelk hij verpakt en verzegeld in diens bezit laat.

  • 3 De ambtenaar behoeft aan dit verlangen slechts te voldoen, indien hem een voorwerp, geschikt om het monster te verpakken en om te worden verzegeld, wordt verstrekt.

Artikel 8 [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 De ambtenaar, die het monster, bedoeld in het eerste lid van het vorige artikel, heeft genomen, zendt dit aan het voor het onderzoek bestemde Rijkslandbouwproefstation.

  • 2 Het monster wordt zo spoedig mogelijk door of vanwege het Rijkslandbouwproefstation onderzocht.

Artikel 9 [Vervallen per 01-02-1959]

Artikel 10 [Vervallen per 01-01-2008]

Indien het onderzoek aan de directeur van het Rijkslandbouwproefstation aanleiding geeft tot het uitlokken ener strafvervolging, doet hij hiervan, alsmede van de uitkomsten van het onderzoek, mededeling aan de ambtenaar, die het monster heeft genomen, en aan de bevoegde officier van justitie.

Artikel 11 [Vervallen per 01-01-2008]

Onze Minister kan voorschriften geven betreffende de wijze van monsterneming, de verpakking, de verzegeling, de verzending en het onderzoek der in artikel 7, eerste lid, bedoelde monsters en betreffende de wijze van monsterneming, de verpakking en de verzegeling der in artikel 7, tweede lid, bedoelde monsters.

Artikel 12 [Vervallen per 01-01-2008]

De ondernemer van een openbaar middel van vervoer wordt als zoodanig niet vervolgd, indien de naam en de woonplaats van den afzender van de voorwerpen, met betrekking tot welke de overtreding is gepleegd, bekend zijn of door den ondernemer aan den Officier van Justitie op diens aanmaning en binnen een door hem te bepalen termijn worden bekend gemaakt.

Artikel 13 [Vervallen per 01-01-2008]

Op het tijdstip, waarop een Algemeene Maatregel van Bestuur betreffende de meststoffen, als bedoeld in artikel 2, in werking treedt, wordt ingetrokken No. 7 van artikel 1 van Ons besluit van 5 September 1945 (Staatsblad No. F 162), vervalt het besluit van de Secretarissen-Generaal van de Departementen van Landbouw en Visscherij en van Justitie betreffende den handel in meststoffen (Meststoffenbesluit) van 24 Augustus 1942 (Nederlandsche Staatscourant van 24 Augustus 1942, No. 163) en treden in werking de navolgende wijzigingen van de wet van 31 December 1920 (Staatsblad No. 957), houdende bepalingen tot bestrijding van bedrog in den handel in meststoffen, zaaizaden en veevoeder:

  • a. in de artikelen 1 en 6 vervalt het woord "meststoffen";

  • b. in artikel 2 vervalt het woord "meststof";

  • c. artikel 3 vervalt en de artikelen 4 tot en met 25 worden vernummerd tot: 3 tot en met 24;

  • d. in het oorspronkelijke artikel 5 wordt in plaats van de woorden "de vorige twee artikelen" gelezen: "het vorig artikel".

Artikel 14 [Vervallen per 01-01-2008]

Deze wet kan worden aangehaald als Meststoffenwet, met bijvoeging van het jaartal van het Staatsblad, waarin zij is geplaatst.

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven ten Paleize Het Loo, den 19den April 1947

WILHELMINA.

De Minister van Landbouw, Visscherij en Voedselvoorziening,

S. L. MANSHOLT.

De Minister van Justitie,

J. H. VAN MAARSEVEEN.

Uitgegeven de zestiende Mei 1947.

De Minister van Justitie,

J. H. VAN MAARSEVEEN.