KruimelpadVorige
Volgende
Geldend op 17-03-2010
De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling.
Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van
in de balk hierboven.
1. Indien een gerechtelijk vooronderzoek niet heeft plaats gehad, doch voorloopige hechtenis is toegepast, doet de officier van justitie, zoodra de zaak tot klaarheid is gebracht, hetzij den verdachte kennis geven dat hij hem ter zake van het feit, waarvoor de voorloopige hechtenis is toegepast, niet verder zal vervolgen, of dat tot verdere vervolging van eenig bepaald omschreven feit zal worden overgegaan, hetzij hem dagvaarden ter terechtzitting, hetzij hem een strafbeschikking uitreiken of toezenden.
2. De rechtbank stelt, op het verzoek van den verdachte, den officier van justitie een termijn binnen welken deze tot kennisgeving, dagvaarding of het uitvaardigen van een strafbeschikking overeenkomstig de bepaling van het voorgaande lid moet overgaan.
3. De laatste twee leden van het voorgaande artikel zijn van toepassing.
4. De verplichting tot kennisgeving, dagvaarding of het uitvaardigen van een strafbeschikking vervalt, indien binnen den gestelden of verlengden termijn een gerechtelijk vooronderzoek is geopend.