Start van deze paginaSkip navigatie, ga direct naar de Inhoud
  • Vorige

  • Volgende

Wetboek van Strafvordering

Geldend op 22-02-2010


De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling. Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van |< < > >| in de balk hierboven.

  • Artikel 476

    • 1. In geen geval mag eene straf worden opgelegd, die de bij het vernietigde arrest of vonnis opgelegde te boven gaat.

    • 2. Indien bij samenloop van meerdere feiten ééne hoofdstraf is uitgesproken en de herziening slechts gevraagd is ten aanzien van een of meer dier feiten, wordt, in geval van vernietiging, bij de uitspraak in herziening de straf voor het andere feit of de andere feiten bepaald.

    • 3. Indien uit het nieuwe onderzoek blijkt dat de verdachte een ander strafbaar feit heeft gepleegd dan waarvoor hij veroordeeld is en dat strafbare feit hem oorspronkelijk mede was te laste gelegd zonder dat daarover was beslist, doet de rechter te dier zake uitspraak en kan hij hem wegens dat feit veroordeelen, zonder dat echter de straf de bij het vernietigde arrest of vonnis opgelegde mag te boven gaan.

    • 4. Bij de uitspraak wordt bepaald dat de reeds vroeger krachtens de vernietigde uitspraak voor het feit ondergane straf, en de krachtens artikel 470 ondergane voorloopige hechtenis in mindering zal worden gebracht.