Start van deze paginaSkip navigatie, ga direct naar de Inhoud
  • Vorige

  • Volgende

Wetboek van Strafvordering

Geldend op 04-03-2012


De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling. Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van |< < > >| in de balk hierboven.

  • Artikel 458

    • 1. De aanvrage tot herziening wordt bij den Hoogen Raad aangebracht door het indienen van eene vordering door den procureur-generaal of door het indienen van een verzoekschrift door een veroordeelde te wiens aanzien het arrest of vonnis in kracht van gewijsde is gegaan of door zijn raadsman. Het bestuur van de raad voor rechtsbijstand kan hem met overeenkomstige toepassing van artikel 42, derde lid, en artikel 43 een raadsman toevoegen.

    • 2. De aanvrage betreffende het geval vermeld in artikel 457, eerste lid, onder 3°, wordt ingediend binnen drie maanden nadat zich een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens de veroordeelde bekend is.