KruimelpadGeldend op 22-05-2012
Wij WILHELMINA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.
Allen, die deze zullen zien of hooren lezen, salut! doen te weten:
Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat het eedsvraagstuk nadere voorziening behoeft;
Zoo is het, dat Wij, den Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Deze wet kan worden aangehaald als Eedswet 1971. Overgangsbepaling
De eeden, vóór het in werking treden dezer wet afgelegd door personen, die op het tijdstip der eedsaflegging niet tot eene godsdienstige gezindheid behoorden, worden geacht te zijn afgelegd op wettige wijze. Slotbepaling
Deze wet treedt in werking met ingang van den dag na dien harer afkondiging.
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
WILHELMINA.
De Minister van Justitie,
B. ORT.
De Minister van Buitenlandsche Zaken,
J. LOUDON.
De Minister van Staat, Minister van Binnenlandsche Zaken,
CORT V. D. LINDEN.
De Minister van Marine,
J. J. RAMBONNET.
De Minister van Financiën,
ANT. VAN GIJN.
De Minister van Oorlog,
BOSBOOM.
De Minister van Waterstaat,
C. LELY.
De Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel,
POSTHUMA.
De Minister van Koloniën,
TH. B. PLEYTE.
De Minister van Justitie,
B. ORT.